Bijbelzondag: Oecumenische dienst 28 oktober

Als katholieke en protestantse christenen zijn we broeders en zusters. We zijn leden van één Lichaam: het lichaam van Christus. Het is een voorrecht om dat samen te kunnen beleven en vieren. Zo ook afgelopen zondag in de oecumenische dienst in het Woudt. Op deze Bijbelzondag lazen we het verhaal over Bartimeüs – die blind was en bedelde. Hij hoorde dat Jezus voorbij kwam. Hij greep zijn kans en riep naar Hem: ‘Zoon van David, Jezus, heb medelijden met mij!’ Jezus hoorde hem, en liet Zich onderbreken door hem. Hij vroeg hem: ‘Wat wilt u dat Ik voor u doe?’. Zijn antwoord was: ‘Rabboeni, zorg dat ik weer kan zien.’ Jezus antwoordde: ‘Ga heen, uw geloof heeft u gered. En meteen genas Bartimeüs. Pastor Jan Lamberts preekte over dit gedeelte.

In de dienst namen we ook afscheid van ds. Emöke van Bolhuis – Szabo. In de afgelopen 2 jaar waarin de gemeente vacant was, heeft zij als predikant vooral het pastoraat op zich genomen. Verder is ze voorgegaan in veel diensten en heeft ze de seniorenkring geleid. We danken God voor de jaren dat zij onder ons gewerkt heeft. Met velen van ons is zij opgetrokken, ook veelal in moeilijke tijden die we persoonlijk meemaakten. We zijn dankbaar voor haar liefde, voor haar trouw. Die zijn een weerspiegeling van Gods liefde en van Zijn trouw. We zijn dankbaar voor mensen die ons wijzen op God. Dat heeft zij met veel toewijding gedaan. We bidden voor haar nu zij haar weg vervolgt. In haar ambt; en persoonlijk. We zien er naar uit haar weer te begroeten als gastvoorganger!

In het kader van de Bijbelzondag wil ik een verhaal met u delen dat ik onlangs hoorde uit de mond van Tweede Kamerlid Kees van der Staaij. Hij vertelde over een ontmoeting met een Iranese christen die te maken heeft met vervolging vanwege haar geloof. Zij werd opgepakt. Bij haar gevangenneming werd ze ondervraagd. De politieman die haar ondervraagde, vroeg naar haar geloof. Hij stelde allerlei vragen daarover en wilde ook bladzijden uit haar Bijbel. Ze scheurde de bladzijden uit haar Bijbel, en gaf ze aan hem. Ze kwam in een cel met anderen. Die vroegen haar naar de ondervraging. Zij wilden ook graag bladzijden uit haar Bijbel. Ook die scheurde ze eruit en gaf ze. Zoveel honger is er naar de woorden van God. Wij hebben allen een Bijbel in ons bezit, met alle bladzijden erin. We hebben geen idee hoe rijk we zijn met een volledige Bijbel en hoe mensen naar de woorden van God smachten..

delen